filmvanalledag

roestig weblog

De beste muziekverhalen van 1945 tot nu

De jaarlijkse Deventer Boekenmarkt leverde een forse stapel op, waaronder De beste muziekverhalen van 1945 tot nu, een compilatie van Leon Verdonschot. Duizendacht pagina’s uit Nederlandse en Belgische kranten en tijdschriften. Enkele recensies maar vooral achtergrondverhalen bij de muziek, waarbij ‘tot nu’ moet worden uitgelegd als ‘tot 2008′. Althans, bij mijn weten brengt Verdonschot geen jaarlijkse erratum uit.

Een heerlijke bundel met verhalen die je bijblijven en die uitnodigen tot het luisteren naar muziek, en het ontdekken van nieuwe muziek. Al had ik het bij het vierde verhaal over Herman Brood wel gehad met de doorlopen speed gebruikende levensartiest. Het viel te verwachten, maar het boek is een goede introductie in het sex, drugs en rock’n roll bestaan.

Juist bij een verzameling die zo’n tijdspanne bestrijkt, lees je artikelen in de context waarin ze geschreven werden. Althans, dat zou je doen als bij artikel een tijdschrift en een jaartal zou staan, maar die zijn enkel te vinden in een overzicht achterin het boek. Ook een alfabetisch register op artiest/band had een leuke toevoeging geweest. Maar dat zijn kleine punten bij een boek dat de aanschaf (tweedehands) zeker waard is.

De letter N.

Via Facebook kwam de volgende oproep langs:

Het idee is om Facebook te vullen met muziek in plaats van al die selfies en sensatieverhalen over hoe geweldig je leven wel niet is.
Als je op ‘vind ik leuk’ klikt zal ik je een letter geven.
Jij moet dan een artiest of band vinden die met deze letter begint en een nummer van hun op jouw tijdlijn plaatsen.

Een kettingbrief, oftewel een stokje zoals dat vroeger heette. Via Facebookvriend M. kreeg ik de letter N. Na twijfel over the National en Nicolaas Jaar kwam ik bij the New Earth Group. Deze Rotterdammers maken een instrumentale mix tussen jazz, krautrock, progrock en van alles.

The New Earth Group

The New Earth Group, Metropolis, Rotterdam, 2009

In 2009 kwam ik ze tegen, vlak buiten het festivalterrein van Metropolis in Rotterdam. Daar stonden ze in de zon een grote stroom vertrekkende bezoekers te vermaken met hun jamsessies. Diezelfde dag heb ik via Bandcamp hun album gedownload (en later ook de opvolger gekocht).

Al hun muziek kan je via de website luisteren.

TivoliVredenburg, een review

Vanmiddag nam ik deel aan de rondleiding door het drie maanden geleden geopende TivoliVredenburg. Technisch gesproken was ik er al eerder binnen geweest, maar dat was enkel om tickets op te halen. Nu was er anderhalf uur durende gelegenheid om het gehele gebouw te bekijken.

En hoewel nieuw en blinkend, had ik achteraf een onbestemd gevoel ‘is dit het nou?’

Een paar uur later kan ik het wat beter benoemen wat me zo tegenviel.

  • de samenhang ontbreekt er. Het is letterlijk een stapeling van verschillende zalen, een ‘verticale stad’. Dat concept verticale stad lijkt me architectenonzin, die stad zou alleen bestaan als mensen ook vleugels hadden en net zo gemakkelijk verticaal zouden bewegen als we horizontaal kunnen lopen. Nu is het veel trappen, roltrappen en liften.
  • de verbindende ruimtes, of misschien alle ruimtes, ze missen allemaal nog wat ziel. De inrichting is vooral strak en functioneel. Misschien het gevolg van de wens om het gebouw zo multi-inzetbaar mogelijk te maken. Maar nu is het daardoor wel ‘vlees noch vis’. Maar misschien is dat anders als je er komt op een avond voor de muziek en de aankleding ook verder ingevuld kan worden, passend bij de avond.
  • er tonen zich toch al wat foutjes in het ontwerp. De rookruimtes zijn geïmproviseerde dozen, in plaats van meegenomen in het ontwerp. Veel trappen hebben extra gekleurde tape gekregen, zodat je ook in donkere omstandigheden de trap blijft zien. Ook: een nieuw gebouw, maar her en der waren al vlekjes, dingetjes kapot.
  • de raampartijen door het hele gebouw met zicht op de stad zijn een heel goed idee.

What a perfect waste of time

Op Spotify heb ik een playlist gemaakt voor tijdens het hardlopen. Het ding heet Born to Run en er staan al twee liedjes in. Bruce Springsteen ontbreekt nog. Die playlist maakte ik omdat ik ontevreden ben over mijn voortgang, als het zo doorgaat haal ik de Singelloop niet.

Afgelopen zaterdagmiddag ging ik toch lopen, ondanks dat het zesentwintig graden was. Ik moest maar eens doorlopen, en niet zo zeuren. Tijdens de tijdrit van de Tour had Herbert Dijkstra de term ‘cave of pain’ geïntroduceerd; een grot van pijn waar je ingaat tijdens het sporten en waar alles zwart is, en waar je in moet blijven.

Ja, bepaald leuk dat sporten.

Met die term in het achterhoofd ging ik op weg en besloot dat ik zeven kilometer zou gaan lopen. Alleen met zo’n afstand ben ik weer een beetje op weg naar de tien.

Omdat mijn playlist dus maar twee liedjes kent, liet ik Spotify random liedjes uitkiezen tijdens het lopen. Ondertussen ben ik grotendeels vergeten wat er speelde, meer herinner ik me de zoektocht naar schaduw, de vreugde van een beetje wind en de aangewaaide herrie van een dancefestival een paar kilometer verderop.

Maar ik hoorde het heldere koper uit het liedje van Elbow en dacht terug aan een zondagavond waar ze dit geluid live over het festivalterrein lieten vloeien. What a perfect waste of time.

Het is een paar dagen later als ik naar huis rij over een lege snelweg, het wordt al laat en langzaam koud in de auto omdat de airco nog op 19 staat. De toevalsfactor kiest opnieuw de blazers en het koper uit het liedje van Elbow. Ik mijmer wat over een flirt en het glanzende idee dat het altijd een eenmalige ontmoeting zal blijven, dat ze opgelost is in de mensenmassa.

Met het uitgestrekte liedje van Elbow beland ik weer bij mijn loopronde. Mijn benen doen nog steeds een beetje zeer. What a perfect waste of time, om zo naar huis te mogen rijden.

Elbow – My Sad Captains (Spotify)

Zollverein

10460175_748023471928429_3789113858398953862_n

Meer hier op Flickr.

Per ongeluk tamelijk lang stukje over Best Kept Secret 2014

Drie dagen in een cocon met alleen muziek, vrienden, mooi weer en goed eten. Festivals zijn een prachtig fenomeen. Op dag 3 kwam ik @cultureinmotion tegen, en ging het even over de schrijfactiviteit op onze blogs. Die is wel eens hoger geweest. Ach ja.

Maar misschien was Best Kept Secret wel een goede aanleiding voor een stukje. En dat kon dan meteen als gastblog op Cultureinmotion geplaatst worden, handig!
Of dat gastblog er komt is nog te bezien, maar mijn geschrijf leverde per ongeluk wel bijna 2.000 woorden op, dus vermaak u.

bks-header

Vrijdag

Wat: Telegram
Hoe: als eerste een van de eerste acts op een festival spelen is een ondankbare taak. Telegram doet het. Het is hard en het is rockmuziek. Verder ben ik alweer vergeten wat ik ervan vond. Ze waren onbekend bij me, en blijven dat nu.

Wat: Jessy Lanza
Hoe: in tent 5 speelt Jessy Lanza al als we binnenkomen, het is nog lang niet vol. Buiten de tent riep ik al dat het klonk als een goede set, en binnen staat een dame achter haar laptop dancemuziek te maken, waar ze met een ijle stem overheen zingt. Bij vlagen heel dansbaar, en dus fijn om in de stemming te komen.

Wat: Daryll-Ann
Hoe: op het grote podium kunnen we gerust vooraan gaan staan bij Daryll-Ann. Daar hebben de wat oudere fans zich verzameld voor de band die tussen 1992 en 2004 acht albums maakte en sinds kort weer aan het touren is. Ik ken Don’t Stop uit 2004 en Trailer Tails uit 2002, en herken daardoor een liedje uit de hele set. Onbekend maakt toch niet onbemind: het is een enthousiast concert en maakt nieuwsgierig naar het oudere werk.

Wat: Peter Matthew Bauer
Hoe: de eerste keuze in het brede assortiment van eten valt op penne pesto, met tomaatjes, rucola en pijnboompitten. Gezeten op het kleine ‘dijkje’ naast podium 3 horen we Peter Matthew Bauer, en hoewel die niet op de van te voren uitgestippelde route stond, is het de moeite waard.

Wat: Moddi
Hoe: in tent 5 staat Moddi, geprogrammeerd op hetzelfde tijdstip als Midlake. Omdat ik Midlake al eens eerder zag, besloot ik Moddi te gaan bekijken. Deze Noorse folkartiest kreeg ik ooit als tip via twitter op de zondagochtend, en zijn album Set the House on Fire is een fijn album. Met in zijn band ook een celliste en een pianist kent hij een wat afwijkend profiel ten opzichte van de vele rock of elektrobands die optreden op BKS. Grappend dat het publiek ‘dit nummer vast goed zal begrijpen’ zet hij ook een nummer in het Noors in van zijn Noorstalige album Kæm va du?. Het wordt er niet minder sfeervol om. Mooi en sfeervol. Het enige nadeel is dat Midlake op het hoofdpodium zo hard speelt dat het geluid in tent 5 er op rustig momenten door wordt beinvloed.

Wat: James Blake
Hoe: hard, heel hard schallen de bassen van James Blake over het terrein. We pakken even rust door aan de waterkant te gaan zitten en de show van een meter of 100 afstand te volgen. Misschien is het daarom dat de combinatie van elektronica en kwetsbare zang doodvalt. Te hard, te weinig subtiel. Tevoren had ik er wat van verwacht, maar het valt tegen.

Wat: Interpol
Hoe: eerlijk, Interpol had met Turn on the Bright Lights en Antics hitalbums. Maar dat was tien jaar terug. Toch zijn dat de songs die het hardst worden meegezongen, en ja, het is ook fijn om op een festival mee te zingen met bekende liedjes in de typische doom/postpunk van deze Amerikaanse band. Een beetje een nostalgieconcert.

Wat: Bombay Show Pig
Hoe: voor sommige mensen – vooral een generatie voor mij – zijn Pixies een legendarisch band, maar voor mij hoeft het niet zo. We wandelen voor een tweede rondje eten langs de stalletjes en iets later beland ik bij Bombay Show Pig voor een staartje. Het maakt geen indruk en naar een paar nummers ben ik onderweg om op tijd bij Caribou te zijn.

Wat: Caribou
Hoe: met verschillende verwachtingen ging ik naar Caribou. In 2010 zag ik ze op Le Guess Who, waar het optreden met tegen viel. Een te volle zaal en behalve het prijsnummer Odessa vond ik het saai. De ervaring op BKS was totaal anders: vier personen, in totaal wit gekleed, wisten een spannende elektronische set op te bouwen waar het publiek wel raad mee wist: dansen. Samen met Interpol het hoogtepunt van de vrijdag.

Zaterdag

Wat: Amatorski
Hoe: na koffie van het Utrechtse The Village komen we aan bij Amatorski. De Vlaamse elektropopband mag de dag openen in tent 2. Zangeres Inne Eysemans weet een ontspannen sfeer neer te zetten en zingt niet alleen, maar praat ons ook bij over halvedode vliegen die op haar keyboard liggen. Het type Vlaamse absurdisme dat wel ontspannend werkt.

Wat: The Bots
Hoe: eigenlijk wilde ik gaan kijken bij de Utrechtse folkartiest I Am Oak, maar we blijven buiten gebiologeerd kijken naar The Bots, ook omdat de zon steeds meer begint te schijnen. Twee Amerikanen met een gitaar en een drumstel spelen ouderwets hardrock, en verbazen met spelplezier, theater en de hoeveelheid herrie die ze maken met twee personen.

Wat: Nils Frahm
Hoe: jaren terug zag ik Nils Frahm samen met Peter Broderick op Le Guess Who, op een zondagmiddag in een klassieke setting. Nu neemt hij zijn ambient mee naar de festivaltent. Zou dat werken? Sommige mensen lopen weg tijdens het optreden, maar de meeste blijven staan en worden meegezogen in de repeterende beats en pianostukken die minutenlang aanhouden. Hoogtepunt.

Wat: September Girls
Hoe: we rennen meteen door naar tent 5 voor September Girls, vijf dames in een underground gitaar bandje. Te kort gezien om er echt een mening over te hebben.

Wat: Mogwai
Hoe: de Schotse postrockers gaan al twintig jaar mee. Toch is hun manier van bedanken niet erg gevarieerd: /Thank you very much, cheers!/ klinkt het na elk applaus. Muzikaal staat het als een huis: lange uitgesponnen, repeterende nummers die opbouwen naar een climax. In de tent hoort daar ook een mooie lichtshow bij. Ze openen met een paar nummers van het nieuw album Rave Tapes en spelen daarna ook een aantal oudere tracks. Vanaf het begin is de muziek hard – Mogwai heeft de naam een harde band te zijn. Halverwege de set laten ze het geluid iets afnemen, om onverwacht op maximaal volume door te spelen. Iedereen zonder oordoppen staat met de vingers in de oren. Een deel van tent loopt leeg, maar wie blijft ontdekt een band die in vorm is, maar voor het comfort misschien beter vanaf plaat geluisterd kan worden.

Wat: Slowdive
Hoe: voor sommige mensen is Slowdive een legendarische band. Onderdeel van de shoegaze-golf van de jaren ’90, traden ze al 20 jaar niet meer in Nederland op. Omdat mijn festivalgenoten er erg graag bij willen zijn sta ik vooraan (derde rij) tussen de fans, die maar wat blij zijn met de reunie. Ik heb een paar nummers geluisterd als voorbereiding. Muzikaal is het conform verwachting: uitgestrekte gitaartapijten, onverstaanbare, hese zangpartijen.

Wat: Babyshambles
Hoe: Pete Doherty staat normaal garant voor entertainment, hoewel dat ook een portie leedvermaak bevat. Want in welke vorm is frontman Pete van Babyshambles vandaag? Is hij de charismatische zanger of toch ten ondergegaan aan drank of drugs? Vandaag was geen dag voor Babyshambles. Hoewel /Fuck Forever/ als laatste nummer altijd leuk blijft, is de rest niet overtuigend en het geluid slecht. Tijd om te gaan eten (oosterse wortelsoep en daarna een wrap met geitenkaas en bessencompote).

Wat: the War on Drugs
Hoe: al een paar maanden roep ik dat Lost in the Dream het album van het jaar is. De doorbraak gaat snel en de band heeft het hoofdpodium gekregen aan het begin van de zaterdagavond. Misschien iets minder intens dan in Tivoli een paar weken terug, maar een mooie show. Waar precies the War on Drugs de spreekwoordelijke mosterd vandaan haalt weet ik niet, maar het roept een hoop associaties op met jaren ’70, ’80 en zelfs begin ’90. En tegelijkertijd lijkt de combinatie van dat alles nieuw en wow.

Wat: Franz Ferdinand
Hoe: het nieuwe album Right Words, Right Actions heeft weer een paar nieuwe nummers opgeleverd voor de show die Franz Ferdinand conform verwachting aflevert. In een razend tempo volgende de catchy, dansbare rockliedjes elkaar op. En het hele veld springt. En bij het volgende liedje weer. Mijn overbelaste linkerknie weerhoudt me er niet van om naar hartelust mee te doen. Bijna 100 jaar na de dood van de aartshertog staan we zorgeloos op een strandje. Met Nils Frahm en The War on Drugs het hoogtepunt van de zaterdag.

Zondag

Wat: George Ezra
Hoe: de zondag begint rustig; er is niet veel dat we willen zien en bovendien komen er vrienden met dagtickets waarmee eerst eens bijgepraat moet worden. De zon schijnt uitbundig dus we zitten goed op een bank tussen de wijnbar en de visspecialist. Bij George Ezra slenteren we naar het eerste podium, om van een afstand te kijken naar de zanger die met Budapest een hit heeft. George Ezra is meer blues dan ik had verwacht, en besluit aan het einde zelfs nog even iets harder te gaan spelen. Prima muziek voor de luie zondag.

Wat: Elephant Stone
Hoe: de festivalapp kondigde dit aan als India meets Indie, genoeg om met interesse te gaan kijken. Maar de sitar van de zanger wordt maar gedurende drie liedjes gebruikt, voor het overige is de crossover beperkt en is het meer shoegaze/heavy rock.

Wat: the 1975
Hoe: gezeten op een grasveldje, van 100 meter van het podium. The 1975 klinkt als Phil Collins; dezelfde stem, geluid van begin jaren 80. Aardig van een afstandje, meer niet.

Wat: the Horrors
Hoe: in de tent knallen the Horrors met een goede lichtshow. Ik ben achteraan gaan staan om toch maar even te kijken. Conclusie: de moeite om eens naar de albums van The Horrors te luisteren.

Wat: Angus & Julia Stone
Hoe: op BKS viel er veel meer eten te proberen dan er maaltijden waren, dus werd het een vegaburger de luxe tijdens Angus & Julia Stone. Ontspannen hangen aan het strandje, en oh ja, ergens stond nog een bandje te spelen. Wel op tijd door naar de tent voor het volgende optreden.

Wat: the Notwist
Hoe: een degelijke set van het type Standort Deutschland, zou ik kunnen schrijven. Kwalitatief uitermate goed, misschien niet bepaald cool. De crossover tussen rock en elektronica is one of a kind. Een mooie combinatie van oude nummers van Neon Golden en Shrink en het nieuw album, dat na zes jaar stilte weer is uitgekomen. Drie kwartier gekeken. En toen besloten dat kill your darlings nodig was: op podium 1 bouwden Belle & Sebastian op en daar moest ik bij zijn.

Wat: Belle & Sebastian
Hoe: een band uit de top 10 meest gedraaid ooit op last.fm. Nog nooit gezien, want zelden in Nederland. En een van de weinig acts waarvan ik van tevoren geen enkel beeld kon vormen van hun live optredens. Ik ben op tijd bij het podium en kan nog een plekje vooraan uitzoeken met een mooie overzicht. Het optreden is geweldig. Ik kan 80% meezingen van hun melodieuze popliedjes, Stuart Murdoch weet goed contact met het publiek te bereiken en de zon blijft uitbundig schijnen (‘You look like a commercial for sunglasses to me’). B&S gaan als een van de weinige bands op BKS een kwartier langer door dan volgens het schema mag, en het is geweldig. Waarom wordt niet veel meer van dit soort muziek gemaakt, vraag ik me af. Het zou wel eens heel moeilijk kunnen zijn. Of: het zou wel eens heel knap kunnen zijn wat Belle & Sebastian doet.

Wat: Elbow
Hoe: de live-optredens van Elbow zag ik wel op tv, maar niet eerder echt. Het leek van tevoren een mooi idee; een soort pastoraal samenkomen aan het einde van 3 dagen feest. Gezamenlijk zingen met de langzame rocknummers van Elbow. En dat werd het, met een mooie mix van oud en nieuw. One day like this a year will see me rise, klonk het, en het was helemaal waar.

10 nogmaals mee te maken legendarische concerten

Gisteravond speelde Arcade Fire op Pinkpop en het concert werd live uitgezonden. Zelden heb ik zo vrolijk staan springen bij een livestream. Als u ‘m ook wil zien: ondertussen staat het concert op Youtube. Aanrader, zeg maar, en dat is een understatement.

Reeds twee keer zag ik Arcade Fire live, en hopelijk komt daar nog een derde keer bij. (Er is nog geen nieuw optreden in Nederland aangekondigd, maar goed, geduld).

Dat bracht me tot een lijstje van artiesten die ik eerder zag optreden en waar ik nog eens heen wil (en die nog niet aangekondigd zijn). Alfabetisch, want prioriteren is zinloos. Nou ja, misschien is er toch een beetje A en B categorie, maar dan liever A en A+ categorie.

Arcade Fire
Bruce Springsteen
Fuck Buttons
Sigur Ros
Wilco

Einar Stray (bij voorkeur opnieuw op de rug gelegen op een grasveldje, in de zon, ogen gesloten)
Frank Turner
Kings of Convenience
The Field
The National

(En morgen weer een ander lijstje, want zo zijn deze dingen)

Patat

Op de fiets zoef ik over de Amsterdamsestraatweg voor avonturen elders. Die straat vereist alertheid. Allemaal dwarsstraatjes, andere fietsers, voetgangers, en heel veel winkels. En vooral ook veel snackbars.

Een man steekt rennend de weg. In trainingskleding, met een plastic tasje van de snackbar in de hand. Dat is nog eens slim, dacht ik. Wel patat gaan halen maar dan gaan hardlopen op weg naar de snackbar om de calorieën alvast te verbranden. Maar dat valt toch tegen. Als hij de weg overgestoken is loopt hij weer gewoon verder.

Aan een half woord

Vanuit Hoogeveen vertrok ik en sprak achtereenvolgens F., R., S., W. en H. aan de telefoon. Handig zo’n autorit. Al zit op de Veluwe een gat in de dekking van Vodafone waar ik nu al twee keer in ben gevallen. Na afloop – ik was bijna thuis – floepte dit schema mijn hoofd in. Iets over geschikte vormen van communicatie, afhankelijk van het niveau van vertrouwen dat je met iemand opgebouwd hebt.

Toen ik het getekend had, bedacht ik dat ik ‘Aan een half woord genoeg hebben’ had gevisualiseerd.

Photo 25-05-14 09 17 48

De A2 in Excel

Hedenmiddag, op Twitter:

discussie

Welnu, dat kan dus ook.
De A2 in Excel.
Wel een goede printer kopen.

« Older posts

© 2014 filmvanalledag

Theme by Anders NorenUp ↑